Gemeente Roosdaal

 

Zitting van 26 februari 2026

 

Van 19 uur.

 

Aanwezig:

Wim Goossens, burgemeester

Dirk Evenepoel, voorzitter

Johan Van Lierde, Tom De Koster, Emmanuel de Béthune, Koen Muyldermans, Sofie Bronselaer, schepenen

Linda Van den Eede, Wendy Godaert, Linda Van Huylenbroeck, Christiane Bert, Kristof Cooreman, An Van den Spiegel, Jean Timmermans, Marc Devits, Jo Timmermans, Filip Wauters, Tine Timmermans, Lieve Hemerijckx, Diederik Aelbrecht, Ingrid Deneve, gemeenteraadsleden

Emma Van der Maelen, algemeen directeur

 

 

Overzicht punten

Zitting van 26 februari 2026

 

Notulen van de openbare vergadering gemeenteraad 29 januari 2026 - goedkeuring

 

Voorgeschiedenis /feiten en context

        het ontwerp van de notulen van 29 januari 2026

 

BESLUIT:

Met éénparigheid van stemmen.
 

 

Enig artikel. - De notulen van de vergadering van de gemeenteraad van 29 januari 2026 worden goedgekeurd.

 

 

Publicatiedatum: 02/04/2026
Overzicht punten

Zitting van 26 februari 2026

 

Zittingsverslag van de openbare vergadering gemeenteraad 29 januari 2026 - goedkeuring

 

Voorgeschiedenis /feiten en context

        het ontwerp van het zittingsverslag van 29 januari 2026

 

BESLUIT:

Met éénparigheid van stemmen.
 

 

Enig artikel. - Het zittingsverslag van de vergadering van de gemeenteraad van 29 januari 2026 wordt goedgekeurd.

 

 

Publicatiedatum: 02/04/2026
Overzicht punten

Zitting van 26 februari 2026

 

ILV woonbeleid — conformiteitsonderzoek — samenwerkingsovereenkomst met het gemeentebestuur van Liedekerke - goedkeuring

 

Voorgeschiedenis / Feiten en context

        het besluit van 20 juni 2019 van de gemeenteraad: Interlokale Vereniging Woonbeleid Noord-Pajottenland – Subsidieaanvraag 2020/2025

        het besluit van 31 maart 2022 van de gemeenteraad: ILV woonbeleid - conformiteitsonderzoek - samenwerkingsovereenkomst met het gemeentebestuur van Liedekerke - goedkeuring

        het besluit van 30 mei 2022 van het college van burgemeester en schepenen: ILV woonbeleid - conformiteitsonderzoek - verwerkingsovereenkomst met het gemeentebestuur van Liedekerke - goedkeuring

        het besluit van 27 november 2025 van de gemeenteraad: Retributiereglement: aanvraag conformiteitsattest

        het besluit van 27 november 2025 van de gemeenteraad:  Reglement verplicht conformiteitsattest voor huurwoningen in Roosdaal - actualisatie - goedkeuring

        het ontwerp van overeenkomst ‘Conformiteitsonderzoeken – Samenwerkingsovereenkomst Liedekerke – Roosdaal'

 

Juridische gronden

        het artikel 162 van de Grondwet

        het Decreet Lokaal Bestuur, in het bijzonder artikel 2, § 2 en artikel 40, § 1

        de Vlaamse Codex Wonen van 2021, in het bijzonder artikel 3.1 tot en met artikel 3.7

        het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021, in het bijzonder artikel 3.2 tot en met artikel 3.9

        de wet van 30 juli 2018 betreffende de bescherming van natuurlijke personen met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens

 

Argumentatie / motivering

        in het kader van de subsidiëring van de interlokale vereniging “Regionaal Woonbeleid Noord-Pajottenland” heeft de gemeente in de engagementsverklaring de verplichting aangegaan om het conformiteitsattest voor huurwoningen verplicht te maken in bepaalde situaties en voldoende woningcontroleurs aan te wijzen om aan de vraag naar conformiteitsonderzoeken te kunnen voldoen

        een conformiteitsonderzoek moet worden uitgevoerd om vast te stellen of een woning voldoet aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten, bepaald door de Vlaamse regering

        een conformiteitsonderzoek omvat een plaatsbezoek en het opstellen van het technisch verslag , op basis waarvan door de burgemeester een conformiteitsattest afgeleverd kan worden

        de gemeente Liedekerke beschikt sinds 1 maart 2022 over een eigen woningcontroleur voor de uitvoering van conformiteitsonderzoeken; deze persoon kan ook in andere gemeenten conformiteitsonderzoeken uitvoeren

        de retributie voor het uitvoeren van een conformiteitsonderzoek werd door de gemeenteraad op 27 november 2025 vastgesteld op 200,00 euro en voor een hercontrole (binnen een periode van 3 maanden na de uitvoering van het initiële conformiteitsonderzoek) op 150,00 euro, verschuldigd door de persoon die het conformiteitsonderzoek aanvraagt

       in het ontwerp van samenwerkingsovereenkomst met de gemeente Liedekerke is het bedrag dat de gemeente Liedekerke zal aanrekenen aan de gemeente Roosdaal voor het uitvoeren van een conformiteitsonderzoek (en een hercontrole) gelijk aan de retributie die de gemeente Roosdaal aanrekent volgens het retributiereglement van 27 november 2025

 

 

Financiële weerslag/visum

 

De financiële weerslag van dit besluit werd voorzien in het meerjarenplan 2026-

2031, onder beleidsveld 0629 - overig woonbeleid, actie 1.1.1 "Sterk woonbeleid: samen vooruit met ILV, focus op kwaliteit en betaalbaar wonen".

De geraamde uitgaven voor het uitvoeren van conformiteitsonderzoek en aanverwante diensten bedragen 15.800,00 euro per jaar. De geraamde ontvangsten uit retributies ervan zijn gelijk.

 

Het visum van de financieel directeur is gunstig.

 

BESLUIT:

16 stemmen ja: Wim Goossens (cd&v-Roosdaal), Johan Van Lierde (cd&v-Roosdaal), Tom De Koster (cd&v-Roosdaal), Emmanuel de Béthune (cd&v-Roosdaal), Koen Muyldermans (cd&v-Roosdaal), Sofie Bronselaer (cd&v-Roosdaal), Christiane Bert (cd&v-Roosdaal), An Van den Spiegel (cd&v-Roosdaal), Jean Timmermans (ANDERS), Jo Timmermans (cd&v-Roosdaal), Filip Wauters (cd&v-Roosdaal), Tine Timmermans (cd&v-Roosdaal), Lieve Hemerijckx (cd&v-Roosdaal), Diederik Aelbrecht (VLAAMS BELANG), Ingrid Deneve (VLAAMS BELANG) en Dirk Evenepoel (ANDERS).
4 stemmen tegen: Linda Van den Eede (N-VA), Wendy Godaert (N-VA), Linda Van Huylenbroeck (N-VA) en Kristof Cooreman (N-VA).
1 onthouding: Marc Devits (GROEN+).
 

Artikel 1. - De gemeenteraad keurt de nieuwe samenwerkingsovereenkomst tussen het lokaal bestuur van Roosdaal en het lokaal bestuur van Liedekerke goed. Deze nieuwe overeenkomst treedt in werking op 1 maart 2026 en vervangt volledig de eerdere samenwerkingsovereenkomst, goedgekeurd door de gemeenteraad op 31 maart 2022. De vorige samenwerkingsovereenkomst wordt bijgevolg opgeheven vanaf de inwerkingtreding van deze nieuwe overeenkomst.

 

Deze overeenkomst heeft als voorwerp het uitvoeren van conformiteitsonderzoeken (het onderzoek bedoeld in artikel 3.3 van de Vlaamse Codex Wonen van 2021).

 

------------

 

Conformiteitsonderzoeken

 

Samenwerkingsovereenkomst

Tussen

het gemeentebestuur van Liedekerke, ondernemingsnummer BE 0207.538.725, met zetel in het gemeentehuis, Opperstraat nummer 31 te 1770 Liedekerke, vertegenwoordigd door mevrouw Valérie Merris, voorzitter van de gemeenteraad, en de heer Koen De Feyter, algemeen directeur, handelend in uitvoering van het gemeenteraadsbesluit van 22 mei 2025;

hierna genoemd “de Dienstverlener”;

 

en

het gemeentebestuur van Roosdaal, ondernemingsnummer BE 0207.515.365, met zetel in het gemeentehuis, Brusselstraat nummer 15 te 1760 Roosdaal, vertegenwoordigd door de heer Dirk Evenepoel, voorzitter van de gemeenteraad, en mevrouw Emma Van der Maelen, algemeen directeur, handelend in uitvoering van het gemeenteraadsbesluit van 26 februari 2026;

hierna genoemd “de Opdrachtgever”;

 

wordt overeengekomen wat volgt:

 

Artikel 1 — Dienstverlening.

1.1

De Opdrachtgever doet een beroep op de Dienstverlener voor het uitvoeren van conformiteitsonderzoeken (het onderzoek als vermeld in artikel 3.3 van de Vlaamse Codex Wonen van 2021).

 

Dit conformiteitsonderzoek omvat een plaatsbezoek en het opstellen van het technisch verslag (het verslag als vermeld in artikel 1.2, 132° van het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021), op basis waarvan het conformiteitsattest kan worden afgegeven door de burgemeester.

 

1.1.1

De Dienstverlener zal de volgende diensten verlenen:

1° Het uitvoeren van een conformiteitsonderzoek in de woning door een woningcontroleur, om vast te stellen of de woning voldoet aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten, vermeld in artikel 3.1, §1 van de Vlaamse Codex Wonen van 2021. De veiligheid, gezondheid en kwaliteit van een woning worden beoordeeld aan de hand van de modellen van het technisch verslag, die opgenomen zijn in bijlage 4, 5 en 6 van het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021. De woningcontroleur maakt een schets van het grondplan (indien geen plannen toegevoegd bij de aanvraag), detailfoto’s van de vastgestelde gebreken en overzichtsfoto’s die geen personen afbeelden, en voegt deze toe aan het technisch verslag.

2° Het uitvoeren van een conformiteitsonderzoek in de woning door een woningcontroleur om vast te stellen of de gebreken, die aanleiding gaven tot de weigering van het conformiteitsattest bij het eerste conformiteitsonderzoek, op een conforme wijze hersteld werden, hierna genoemd ‘hercontrole’.

3° Het opstellen en versturen van het technische verslag, na het uitvoeren van een conformiteitsonderzoek zoals bedoeld in artikel 1.1.1., 1° en 2°, zal gebeuren in de softwareapplicatie VLOK. Deze applicatie wordt ter beschikking gesteld door het agentschap Wonen-Vlaanderen.

 

1.1.2

De Dienstverlener zal één of meerdere medewerkers inzetten als ‘woningcontroleur’.

 

1.1.3

De woningcontroleur van de Dienstverlener volgt een theoretische en praktische training, georganiseerd door het agentschap Wonen-Vlaanderen. Deze training geeft de medewerker de theoretische en praktische kennis die nodig is voor het uitvoeren van het conformiteitsonderzoek en opstellen van het technisch verslag.

 

1.1.4

De burgemeester zal de medewerker(s) van de Dienstverlener, voor zijn grondgebied, aanduiden als woningcontroleur (conform artikel 3.4, 2° van het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021). Op verzoek van de Dienstverlener zal de burgemeester één of meerdere bijkomende medewerkers van de Dienstverlener aanwijzen als woningcontroleur of zal de burgemeester een einde stellen aan de aanwijzing als woningcontroleur.

 

1.1.5

Aanvragen voor het uitvoeren van een conformiteitsonderzoek gebeuren door de Opdrachtgever in de softwareapplicatie VLOK en worden daar toegewezen aan de Dienstverlener.

 

1.1.6

Na ontvangst van het volledige aanvraagdossier zal de Dienstverlener uiterlijk binnen een termijn van vijfenveertig kalenderdagen het conformiteitsonderzoek uitvoeren en het technisch verslag ingeven in VLOK. Deze termijn is indicatief.

 

1.1.7

Indien de toegang van de te controleren woning niet werd toegestaan aan de Dienstverlener (afwezigheid aanvrager of geen toegang verleend op de twee tijdstippen die met de aanvrager werden afgesproken) dan wordt de Opdrachtgever hiervan op de hoogte gebracht en stopt de Dienstverlener dit dossier.

 

1.2

Na ondertekening van deze overeenkomst zetten de partijen de nodige stappen om de uitvoering van deze overeenkomst voor te bereiden. Het betreft de volgende noodzakelijke stappen, zonder welke de dienstverlening niet opgestart kan worden:

        aanduiding door de burgemeester van gemeente Roosdaal van de medewerker(s) als woningcontroleur (zoals bedoeld in artikel 1.1.4);

        aanduiding door de gemeente Roosdaal van de medewerker(s) als woningcontroleur in VLOK (zoals bedoeld in artikel 1.1.1, 3°);

        het sluiten van de verwerkingsovereenkomst (zoals bedoeld in artikel 2).

 

Van zodra deze drie stappen gezet zijn, kan de Dienstverlener de aanvragen voor conformiteitsonderzoeken aanvatten. De termijn bepaald in artikel 1.1.6 is vanaf dat moment van toepassing.

 

1.3

Het bedrag voor het uitvoeren van een conformiteitsonderzoek wordt vastgesteld:

        voor een zelfstandige woning: 200,00 euro per conformiteitsonderzoek;

        voor een kamer in een kamerwoning: 200,00 euro per conformiteitsonderzoek;

        hercontrole: 150,00 euro (binnen de 3 maanden na 1ste onderzoek);

        het plaatsbezoek en het ingeven van het technisch verslag in VLOK zijn inbegrepen in deze vergoeding.

Het bedrag voor het uitvoeren van een woonkwaliteitsonderzoek wordt vastgesteld:

        voor een zelfstandige woning: 200,00 euro per woonkwaliteitsonderzoek;

        voor een kamer in een kamerwoning: 200,00 euro per woonkwaliteitsonderzoek.

        het plaatsbezoek en het ingeven van het technisch verslag in VLOK zijn inbegrepen in deze vergoeding.

De Dienstverlener zal de geleverde prestaties driemaandelijks factureren. Meer bepaald zullen alle uitgevoerde conformiteitsonderzoeken in de afgelopen drie kalendermaanden gefactureerd worden in de daaropvolgende maand.

De door de Dienstverlener gefactureerde bedragen zijn betaalbaar binnen dertig kalenderdagen vanaf de datum van de factuur.

De tarieven opgenomen in deze overeenkomst zijn gekoppeld aan de gezondheidsindex en worden ieder jaar op 1 januari automatisch aangepast. De basisindex is deze van 1 januari 2026.

1.4

Onverminderd de toepassing van de bepalingen van dit reglement is het college van burgemeester en schepenen gemachtigd om het tarief bepaald in artikel 1 - 1.3.,  jaarlijks op 1 januari te herzien op basis van de schommelingen van de gezondheidsindex volgens de volgende formule:

 Nieuw tarief = oud bedrag x nieuwe index / basisindex

De basisindex is de gezondheidsindex van toepassing voor de maand december 2025.

De nieuwe index is de gezondheidsindex van toepassing voor de maand december die voorafgaat aan de herziening van het tarief.

De verkregen resultaten worden naar de hogere euro afgerond.

 

Artikel 2 — Persoonsgegevens.

Beide partijen komen overeen dat met betrekking tot de persoonsgegevens die door de Dienstverlener voor de Opdrachtgever worden verwerkt onder deze overeenkomst, de Opdrachtgever de “verantwoordelijke voor de verwerking” is en de Dienstverlener de “verwerker”, zoals bedoeld in de wetgeving tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer.

Met betrekking tot de verwerking van deze persoonsgegevens, handelt de Dienstverlener uitsluitend in opdracht van de Opdrachtgever, die de uiteindelijke verantwoordelijke is voor de verwerking van de betreffende persoonsgegevens en dus alle noodzakelijke aangiften, wijzigingen en bijwerkingen. Partijen zullen een bijkomende verwerkingsovereenkomst ondertekenen. Aangezien de Dienstverlener dient te werken in de software applicatie VLOK van het agentschap Wonen-Vlaanderen en geen verantwoordelijkheid draagt voor de werking van deze software applicatie, draagt zij geen verantwoordelijkheid voor de technische en organisatorische beveiligingsmaatregelen verband houdend met deze applicatie. Deze verantwoordelijkheid berust bij de desbetreffende overheid.

 

Artikel 3 — Contactpersoon.

Elke partij zal één contactpersoon aanduiden die de contacten, over de uitvoering van deze overeenkomst, met de andere partij zal onderhouden. Deze personen zijn meer bepaald verantwoordelijk voor het algemeen toezicht op het nakomen van de verplichtingen door de Dienstverlener en de Opdrachtgever uit hoofde van deze overeenkomst.

Deze contactpersonen zullen beschikbaar zijn voor het voeren van overleg teneinde een efficiënte uitvoering van de overeenkomst mogelijk te maken.

Elke partij kan op elk ogenblik door een schriftelijke kennisgeving aan de andere partij, de door haar aangestelde contactpersoon vervangen door een andere persoon. 

 

Artikel 4 — Duur.

4.1

Deze overeenkomst wordt gesloten voor onbepaalde duur en neemt een aanvang op 1 maart 2026. Iedere partij kan deze overeenkomst op ieder ogenblik opzeggen, per aangetekend schrijven, met een opzegtermijn van drie maanden. De opzegtermijn neemt een aanvang de eerste dag van de maand die volgt op de maand tijdens welke de opzegging wordt gedaan (poststempel geldt als bewijs).

De volgende overgangsregeling geldt evenwel bij de beëindiging van de overeenkomst: deze overeenkomst blijft van kracht m.b.t. aanvragen voor conformiteitsonderzoeken ontvangen door de Dienstverlener tijdens bovenvermelde opzegtermijn. Dergelijke aanvragen zullen behandeld worden door de Dienstverlener conform de bepalingen van deze overeenkomst.

 

4.2

Elke partij is gerechtigd deze overeenkomst onmiddellijk te beëindigen middels een kennisgeving bij aangetekend schrijven aan de andere partij, zonder een opzegtermijn in acht te nemen en zonder schadevergoeding verschuldigd te zijn, indien de andere partij een ernstige inbreuk pleegt op de overeenkomst en de fout niet wordt hersteld binnen de dertig werkdagen nadat bij aangetekende brief werd aangemaand ze te staken of recht te zetten.

 

Artikel 5 — Diverse bepalingen.

5.1

Beide partijen zullen al het mogelijke doen om geschillen, van welke aard dan ook, voortvloeiende uit of verband houdende met deze overeenkomst zoveel mogelijk in der minne op te lossen.

 

5.2

De verbintenissen aangegaan door de Dienstverlener onder deze overeenkomst, zijn middelenverbintenissen.

 

5.3

Deze overeenkomst vormt de gehele overeenkomst tussen beide partijen met betrekking tot het voorwerp ervan.

 

5.4

Wijzigingen en toevoegingen aan deze overeenkomst zijn slechts geldig en bindend na schriftelijk akkoord en ondertekening door beide partijen.

 

5.5

Elk beding van deze overeenkomst dat strijdig zou zijn met een wettelijke of reglementaire bepaling van openbare orde of dwingend recht, wordt als niet-geschreven beschouwd, zonder dat deze nietigheid evenwel de geldigheid van de volledige overeenkomst aantast. Beide partijen zullen zich integendeel inspannen om dit nietig beding te vervangen door een bepaling van gelijkwaardig economisch effect.

 

Bijlage: overeenkomst verwerking persoonsgegevens.

 

Elk van de partijen erkent een door alle partijen origineel getekend exemplaar ontvangen te hebben.

 

------------

 

Artikel 2. - Deze overeenkomst maakt integrerend deel uit van dit besluit.

Deze overeenkomst zal namens het gemeentebestuur ondertekend worden door de voorzitter en de algemeen directeur.

 

Artikel 3. - Het college van burgemeester en schepenen krijgt de opdracht om de verwerking van persoonsgegevens in het kader van de uitvoering van conformiteitsonderzoeken te regelen in een overeenkomst die voldoet aan de vereisten van de verordening 2016/679 van het Europees parlement en de raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming).

Deze verwerkingsovereenkomst vormt een bijlage bij de samenwerkingsovereenkomst.

 

Artikel 4. - Dit besluit zal samen met de ondertekende overeenkomst worden verzonden naar het gemeentebestuur van Liedekerke.

 

 

Publicatiedatum: 02/04/2026
Overzicht punten

Zitting van 26 februari 2026

 

Erfgoedstichting Vlaams-Brabant: verlenging lidmaatschap - goedkeuring convenant 2026-2031

 

Voorgeschiedenis / Feiten en context

        het besluit van de gemeenteraad van 26 augustus 2021 houdende de toetreding tot de Erfgoedstichting Vlaams-Brabant

 

Juridische gronden

        het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 - Artikel 41 - bevoegdheden van de gemeenteraad : het oprichten van en het toetreden tot rechtspersonen en het beslissen tot oprichting van, deelname aan of vertegenwoordiging in agentschappen, instellingen, verenigingen en ondernemingen

 

Argumentatie / motivering

        verlenging van lidmaatschap van de Erfgoedstichting gebeurt door ondertekening van een convenant en de jaarlijkse solidariteitsbijdrage vanaf 2026 van 0,20 euro per inwoner op basis van zijn inwonersaantal van 1 januari 2025 voor de periode 2026-2031, wat komt op 2.404,00 euro

 

 

Financiële weerslag / visum

De financiële weerslag van dit besluit werd voorzien in het meerjarenplan.

De geraamde uitgave bedraagt 0,20 euro per inwoner van het bevolkingsaantal op 1 januari 2025, hetgeen uitkomt op 2.404,00 euro per jaar, en werd voorzien in het meerjarenplan 2026-2031, onder beleidsveld 0709 - actie 2.4.1 Sterke samenwerkingen met focus op meerwaarde en duidelijke keuzes 5.1.1 Toegankelijke activiteiten bereiken elke inwoner, vaak samen met partners.

 

Het visum van de financieel directeur is gunstig.

 

BESLUIT:

Met éénparigheid van stemmen.
 

 

Artikel 1. - De verlenging van het lidmaatschap van de Erfgoedstichting Vlaams-Brabant wordt goedgekeurd.

 

Artikel 2. - Onderstaande convenant houdende lidmaatschap van de Erfgoedstichting Vlaams-Brabant wordt goedgekeurd en afgesloten voor een periode van 6 jaar zijnde van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031:

 

--------------------

 

Convenant betreffende Erfgoedstichting Vlaams-Brabant

 

Overeenkomst

 

TUSSEN

 

Lokaal bestuur Roosdaal, met zetel te Brusselstraat 15 te 1760 Roosdaal met ondernemingsnummer 0207.515.365, alhier vertegenwoordigd door:

- Dirk Evenepoel, voorzitter van de gemeenteraad van het lokaal bestuur Roosdaal;

- Emma Van der Maelen, algemeen directeur van het lokaal bestuur Roosdaal;

 

beiden handelend krachtens beslissing van de Gemeenteraad van 26 februari 2026

 

en

 

De Stichting van Openbaar Nut ‘Erfgoedstichting Vlaams-Brabant’ (“ERF”), met zetel te 3010 Leuven, Provincieplein 1, met ondernemingsnummer BE0771948863, alhier vertegenwoordigd door:

        de heer NEVENS, Bart, voorzitter Erfgoedstichting Vlaams-Brabant, wonende te Prins Van Everbergstraat 6, 3078 Kortenberg;

        de heer WIJNANTS Marc, ondervoorzitter Erfgoedstichting Vlaams-Brabant wonende te Dorpstraat 26; 3350 Linter

 

hierna gezamenlijk “de Partijen” genoemd.

 

in overeenstemming met de volgende regelgeving:

        het decreet van 12 juli 2013 betreffende het onroerend erfgoed (“Onroerenderfgoeddecreet”);

        het decreet van 26 februari 2018 tot wijziging van het decreet van 23 juni 2008 betreffende de bescherming van monumenten, klein erfgoed, ensembles en landschappen en betreffende de opgravingen;

        het decreet van 27 april 2017 houdende instemming met de kaderconventie van de Raad van Europa over de waarde van het cultureel erfgoed voor de samenleving, opgesteld in Faro op 27 oktober 2005;

        het Besluit van de Vlaamse Regering van 16 mei 2014 betreffende de uitvoering van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 (“Onroerenderfgoedbesluit”);

        het besluit van de Provincieraad van Vlaams-Brabant van 17 november 2020 betreffende de oprichting van de Erfgoedstichting Vlaams-Brabant als een provinciaal extern verzelfstandigd agentschap in privaatrechtelijke vorm met structuur van een Stichting van Openbaar Nut (SON) vanaf 1 januari 2021;

        de statuten van de Erfgoedstichting Vlaams-Brabant van 24 november 2020; met specifieke aandacht voor de bestaansreden van ERF, opgericht op 7 januari 2021 met als doelstelling: “de verwerving, bescherming, herstel, behoud, beheer en ontsluiting van onroerend erfgoed en van cultuurhistorische landschappen, in haar bezit of in haar beheer in Vlaams-Brabant. De Stichting neemt een voorbeeldrol op inzake onroerenderfgoedzorg en draagt bij aan het vergroten van het draagvlak voor het onroerend erfgoed in Vlaams-Brabant”;

 

overwegende dat ERF een provinciaal extern verzelfstandigd agentschap in privaatrechtelijke vorm is en als belangeloos doel, ten dienste van de gemeenschap heeft: de verwerving, bescherming, herstel, behoud, beheer en ontsluiting van onroerend erfgoed en van cultuurhistorische landschappen in haar bezit of in haar beheer in Vlaams-Brabant. De Stichting neemt een voorbeeldrol op inzake onroerenderfgoedzorg en draagt bij aan het vergroten van het draagvlak voor het onroerend erfgoed in Vlaams-Brabant;

 

overwegende dat de werking van ERF past binnen de beleidsverklaring van het provinciebestuur Vlaams-Brabant 2025-2030 en de visie uit de Vlaamse beleidsnota 2024-2029 ‘Fier op dat van hier’ onderschrijft;

 

KOMEN DE PARTIJEN HET VOLGENDE OVEREEN:

 

HOOFDSTUK 1: PRINCIPES

 

Artikel 1. Doelstelling samenwerking

Het lokaal bestuur wenst een samenwerking aan te gaan met ERF voor behoud, beheer, bescherming, ontsluiting en verwerving, van onroerend erfgoed en van cultuurhistorische landschappen

 

Artikel 2. Uitgangspunten samenwerking

§1. ERF heeft specifieke aandacht voor onder meer volgende uitgangspunten:

- lokale besturen zijn de prioritaire partners;

- onroerend (beschermd) erfgoed en cultuurhistorische landschappen met een bepaalde schaalgrootte;

- types van onroerend erfgoed waar nog geen andere gespecialiseerde instanties of programma’s zich mee bezighouden;

- onroerend erfgoed dat ontsloten kan worden ten dienste van de gemeenschap.

 

§2. Met deze overeenkomst bevestigen Partijen hun intentie tot samenwerking op het vlak van onroerend erfgoed.

 

§3. De Partijen staan op gelijke voet in de uitvoering van deze samenwerking. Zij beslissen zoveel als mogelijk in onderling overleg en met consensus, rekening houdend met hun wederzijdse verplichtingen en toegekende beslissingsmacht overeengekomen in deze overeenkomst.

 

Artikel 3. Besluitvorming

§1. Het beslissingsniveau wordt bij ERF gevormd door het bestuursorgaan, bijgestaan door een structurele adviescommissie. De voorzitter van ERF is de gedeputeerde voor erfgoed van provincie Vlaams-Brabant. De beleidsvoorbereiding en -uitvoering gebeurt door medewerkers van ERF.

 

§ 2 De structurele adviescommissie van ERF wordt samengesteld door de burgemeesters of schepenen (of hun afgevaardigde) van de lokale besturen die de werking van de stichting ondersteunen door het ondertekenen van het convenant met ERF. Zij kunnen voorafgaand aan elk beslissingspunt van de agenda van het bestuursorgaan een advies geven en zo de belangen van hun lokale bestuur vertegenwoordigen.

 

HOOFDSTUK 2: WEDERZIJDSE VERBINTENISSEN VAN PARTIJEN

 

Artikel 4. Wederzijdse resultaatsverbintenissen

De Partijen zijn verplicht alle wettelijke bepalingen te respecteren met oog op de bescherming van het onroerend erfgoed in hun eigendom en/of beheer, met inbegrip van hoofdstukken 6, 8 en 10 van het Onroerenderfgoeddecreet en de bepalingen van het Onroerenderfgoedbesluit en de andere uitvoeringsbesluiten van dit decreet.

 

Artikel 5. Wederzijdse inspanningsverbintenissen

§ 1 De Partijen verbinden zich ertoe om een consensuele aanpak en visie na te streven met betrekking tot bescherming, herstel, behoud, beheer, ontsluiting en verwerving, van onroerend erfgoed en van cultuurhistorische landschappen, overeenkomstig de statuten van ERF.

 

§ 2 De Partijen verbinden zich tot een kwalitatieve en doorgedreven samenwerking voor alle specifieke erfgoedprojecten waartoe zij zich in aanvullende avenanten verbinden, waarbij bescherming van de erfgoedwaarde voorop staan en in evenwicht zijn met de maatschappelijke doelstellingen van het lokaal bestuur.

 

HOOFDSTUK 3: FINANCIËLE MIDDELEN

 

Artikel 6. Financiering van ERF

§1. De middelen voor ERF bestaan voornamelijk uit een werkings- en investeringssubsidie van provincie Vlaams-Brabant.

 

§2. Die middelen voor ERF worden aangevuld door de bijdragen die de ondersteunende lokale besturen aan ERF betalen. Een aansluiting bij ERF betekent een financieel engagement van het lokale bestuur in ‘getrapte vorm’ en bestaat uit:

- een solidariteitsbijdrage voor aansluiting bij ERF, zoals omschreven in artikel 7 van voorliggend convenant;

- desgevallend, een bijdrage voor de uitvoering van werken aan een specifiek omschreven onroerend erfgoed, zoals omschreven in artikel 8 van het convenant en overeenkomstig de financiële afspraken in een aanvullend avenant tussen Partijen;

- desgevallend, een bijdrage voor de verwerving van een specifiek omschreven onroerend erfgoed, zoals omschreven in artikel 9 van het convenant en overeenkomstig de financiële afspraken in een aanvullend avenant tussen Partijen.

 

Artikel 7. Solidariteitsbijdrage gemeente

§1. Het lokaal bestuur stemt in met een jaarlijkse solidariteitsbijdrage vanaf 2026 aan ERF van 0,20 euro per inwoner op basis van zijn inwonersaantal van 1.1.2025 voor de periode 2026-2031, namelijk 2404 euro.

 

§2. Het lokaal bestuur stort haar jaarlijkse solidariteitsbijdrage op het rekeningnummer van ERF , en dit uiterlijk voor 1 april van het lopende jaar.

 

§3. Na betaling van de solidariteitsbijdrage overeenkomstig §2 wordt de burgemeester of diens gemachtigde vertegenwoordiger uitgenodigd tot de structurele adviescommissie van ERF, zoals vermeld in artikel 3, §3, waar die de belangen van het lokale bestuur kan vertegenwoordigen.

 

Artikel 8. Minimale bijdrage voor projecten

§1. Behoudens andersluidende overeenkomst staat het lokaal bestuur financieel garant voor de werken aan het onroerend erfgoed, waar het beheer van de site wordt overgedragen aan ERF.

 

§2. De kosten die gepaard gaan met de werkzaamheden worden ofwel door middel van een vooraf bepaalde bijdrage aan ERF betaald, ofwel rechtstreeks door het lokaal bestuur betaald. Dit kan inhouden dat het lokaal bestuur de volledige financiering of een deel van de kosten die betrekking hebben op de erfgoedaspecten van de werken op zich neemt, ofwel dat het lokaal bestuur garandeert dat ERF de noodzakelijke fondsen ter beschikking krijgt om de werkzaamheden uit te voeren.

 

§3. Indien de Partijen in samenspraak overeenkomen in een aanvullend avenant dat het lokaal bestuur financieel garant staat door middel van een voorafbetaling of een terugbetaling aan ERF, stort het lokaal bestuur overeenkomstig de modaliteiten uit het avenant deze bijdrage op het rekeningnummer van ERF.

 

§4. Tevens wordt overeengekomen in een aanvullend avenant welke verplichtingen rusten op de Partijen en op welke wijze Partijen overleggen – buiten de structurele adviescommissie van ERF - inzake het specifieke goed.

 

Artikel 9. Minimale bijdrage voor verwerving

§1. Principieel draagt het lokaal bestuur bij aan de verwerving van onroerend erfgoed, zodat zij een minimale bijdrage levert aan de gezamenlijke aankoop van het goed.

 

§2. De minimale bijdrage van het lokaal bestuur bedraagt 30% van de totale aankoopprijs van het onroerend erfgoed gelegen op haar grondgebied, waarvoor een aankoopakte wordt verleden door ERF, zodat de betrokkenheid van het lokale bestuur wordt geaccentueerd.

 

§3. In een aanvullend avenant wordt overeengekomen welke verplichtingen rusten op de Partijen.

 

Artikel 10: Meerjarenplan

§1. Het volledig benodigde budget voor de jaarlijkse solidariteitsbijdrage op grond van artikel 7 en de specifieke bijdragen op grond van artikel 8 en 9 wordt verankerd in het meerjarenplan van het lokaal bestuur, als onderdeel van de gemeentelijke begroting. De gemeenteraad neemt de financiering van de jaarlijkse bijdragen en de bijdragen voor specifieke erfgoedprojecten op in de financiële nota van het meerjarenplan.

 

§2. Er geldt een rapporteringsverplichting namens het lokaal bestuur inzake het meerjarenplan. Bij elk specifiek erfgoedproject maakt het lokaal bestuur het geactualiseerde en goedgekeurde meerjarenplan voorafgaand aan de werkzaamheden, respectievelijk de verwerving over aan ERF. Tevens zal het lokaal bestuur ERF op de hoogte brengen van elke wijziging aan het meerjarenplan die een effect zou kunnen hebben op de financiering van het erfgoedproject.

 

§3. Indien voor de werkzaamheden aan, respectievelijk de verwerving van onroerend erfgoed premies kunnen worden bekomen, zal het lokaal bestuur het volledige benodigde budget voor de werkzaamheden, respectievelijk de aankoopprijs, zonder aftrek van het premiebedrag, vastleggen in de meerjarenplanning van het lokaal bestuur en voorafgaand aan de werkzaamheden aan ERF overmaken. Na ontvangst van de aangevraagde premies, maakt ERF deze premiebedragen over aan het lokaal bestuur. Onder voorbehoud van uitdrukkelijke goedkeuring door ERF, kan het lokaal bestuur een voorstel doen om het volledig benodigde budget op te delen in schijven.

 

HOOFDSTUK 4: MODALITEITEN VAN HET CONVENANT

Artikel 12. Duur van convenant

Deze convenant wordt afgesloten voor een periode van zes jaar: van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031.

 

Artikel 13. Vroegtijdige beëindiging

Indien één van de Partijen het convenant vroegtijdig wenst te beëindigen, behoudens wegens redenen zoals omschreven in artikel 14, draagt deze de risico’s die voortvloeien uit hoofdstuk 11 van het Onroerenderfgoeddecreet en art. 10.2.11, lid 1, 1° tot en met 2° van het Onroerenderfgoedbesluit.

 

Artikel 14. Overmacht

§1. Slechts in geval van overmacht of uitzonderlijke omstandigheden, die een dermate grote impact hebben op de realisatie van het project, wezen het op praktisch, financieel of een ander vlak, kunnen partijen de bepalingen van het convenant herzien, bijsturen of beslissen af te zien van deze afspraken.

 

Partijen zullen in dat geval onverwijld overleggen om een oplossing te zoeken die het meest aansluit bij de oorspronkelijke doelstelling van deze convenant.

 

§2. Indien geen onderling akkoord wordt bereikt over het verdere verloop van het convenant, stelt ERF in een gemotiveerde beslissing de aanpassing van de overeenkomst voor. De weigering van het lokaal bestuur om deze aanpaste convenant te ondertekenen, wordt beschouwd als een vroegtijdige beëindiging van het convenant zoals in artikel 13 van deze beheersovereenkomst.

 

HOOFDSTUK 5: AANSPRAKELIJKHEID

 

Artikel 15. Aansprakelijkheid tussen de Partijen

De Partijen zijn aansprakelijk ten aanzien van elkaar in het geval dat hun verplichtingen uit de overeenkomst niet worden nagekomen en op basis van de gemeenrechtelijke regels inzake aansprakelijkheid.

 

Opgemaakt te Roosdaal

 

Voor ERF    Voor het lokale bestuur

(Erfgoedstichting Vlaams-Brabant SON)

 

 

Bart Nevens       Dirk Evenepoel

Voorzitter ERF      Voorzitter gemeenteraad

 

 

 

Marc Wijnants       Emma Van der Maelen

Ondervoorzitter ERF      Algemeen directeur

 

 

 

--------------------

 

Artikel 3. - De jaarlijkse bijdrage van 2.404,00 euro voor de jaren 2026 tot en met 2031 wordt goedgekeurd.

 

Artikel 4. - Een afschrift van dit besluit en het ondertekend toetredingsformulier, zal bezorgd worden aan Erfgoedstichting Vlaams-Brabant, Provincieplein 1 te 3010 Leuven.

 

 

Publicatiedatum: 02/04/2026
Overzicht punten

Zitting van 26 februari 2026

 

Politiezone TARL: vaststellen gemeentelijke dotatie en de opsplitsing in exploitatie- en investeringstoelage 2026 - goedkeuring

 

Voorgeschiedenis / Feiten en context

        het besluit van 9 december 2025 van de politieraad houdende vaststelling van de begroting voor het dienstjaar 2026 van de politiezone TARL

        op artikel 33012/485-48 (gemeentelijke bijdrage Roosdaal) van de politiebegroting werd een bedrag van 1.762.535,74 euro ingeschreven

        op artikel 33012/685-51 (gemeentelijke bijdrage buitengewone dienst Roosdaal) van de politiebegroting werd een bedrag van 70.315,00 euro ingeschreven

 

Juridische gronden

        het artikel 162 van de grondwet

        het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017

        het decreet van 28 april 1993 houdende de regeling, voor het Vlaamse Gewest, van het administratief toezicht op de gemeente, in het bijzonder artikel 29, eerste lid, 3°

        de wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus, in bijzonder artikel 40, 3de en 6de lid, en artikel 71, 1ste lid

        het koninklijk besluit van 16 november 2001 houdende de nadere regels inzake de berekening en de verdeling van de gemeentelijke dotaties in de schoot van een meergemeente politiezone

        de omzendbrief PLP 54 betreffende de onderrichtingen voor het opstellen van de politiebegroting

        het besluit van 17 december 2003 van de politieraad houdende de vaststelling van de verdeelsleutel voor de gemeentelijke dotatie van de aangesloten gemeenten bij de IPZ-TARL

        de omzendbrief van 18 september 2020 van de Vlaamse Regering betreffende de aanpassing van de meerjarenplannen 2020-2025 van de lokale en provinciale besturen volgens de beleids- en beheerscyclus

 

Argumentatie / motivering

        elke gemeenteraad van de politiezone dient de dotatie van haar gemeente aan de politiezone goed te keuren

        in de lijst van de nominatieve subsidies van het budget 2026 van de gemeente, onder beleidsveld 0400 - politiediensten, werd het bedrag van 1.762.535,74 euro opgenomen voor de werkingsbijdrage aan de politiezone TARL en 70.315,00 euro voor de investeringstoelage aan de politiezone TARL

 

 

Financiële weerslag / visum

De financiële weerslag van dit besluit is voorzien in het meerjarenplan. De kredieten zijn opgenomen onder beleidsveld 0400 - politiediensten, en in de lijst van de nominatieve toelagen van 2026.

De uitgave voor de werkingsbijdrage aan de politiezone TARL bedraagt 1.762.535,74 euro en de uitgave voor de investeringsuitgave aan de politiezone TARL bedraagt 70.315,00 euro.

 

BESLUIT:

Met éénparigheid van stemmen.
 

 

Artikel 1. - De werkingsbijdrage van de gemeente Roosdaal in het budget voor het dienstjaar 2026 van de politiezone TARL, ten bedrage van 1.762.535,74 euro, wordt goedgekeurd.

 

Artikel 2. - De investeringstoelage van de gemeente Roosdaal in het budget voor het dienstjaar 2026 van de politiezone TARL, ten bedrage van 70.315,00 euro wordt goedgekeurd.

 

Artikel 3. - Het bedrag van deze dotatie zal gestort worden op de rekening van de politiezone TARL. De betaling ervan zal maandelijks gebeuren, in gelijke tranches.

 

Artikel 4. - Een afschrift van dit besluit zal voor kennisneming worden verzonden naar de gouverneur van de provincie Vlaams-Brabant.

 

 

Publicatiedatum: 02/04/2026
Overzicht punten

Zitting van 26 februari 2026

 

Informatieveiligheid: Informatieveiligheidsbeleid update 2026 - goedkeuring

 

Voorgeschiedenis / Feiten en context

        het gegeven dat de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG - GDPR ) op datum van 24 mei 2016 in werking is getreden en, overeenkomstig haar artikel 99, 2, met ingang van 25 mei 2018 effectief van toepassing is

        het besluit van 3 juli 2023 van het college van burgemeester en schepenen om - gezien de verregaande fase van de inkanteling - de samenwerking met Haviland (DPO gemeente) stop te zetten deze met Welzijnskoepel West-Brabant (OCMW) uit te breiden tot één volledige DPO-taak voor het het Lokaal Bestuur Roosdaal, waargenomen door de heer Filip Haesen

        de besluiten van 21 december 2023 van de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn houdende goedkeuring van de update 2023 van het informatieveiligheidsbeleid van lokaal bestuur Roosdaal

        in tegenstelling tot vorige edities wordt in de naamgeving het begonnen jaartal vermeld en niet het voorbije jaartal, hierdoor is er geen update 2024 maar geeft de update 2025 een overzicht over het werkjaar 2024

        het document "Informatieveiligheidsbeleid update 2025 lokaal Bestuur Roosdaal" opgesteld door de DPO in een ééngemaakt document voor gemeente en OCMW samen

Juridische gronden

        de Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG (Algemene Verordening Gegevensbescherming (Publ.blad, L 119, 4.5.2016, pp. 1-88))

 

Argumentatie / motivering

        het Lokaal Bestuur Roosdaal verzamelt en beheert vanuit haar wettelijke opdracht een veelheid aan gevoelige informatie waarvoor een wettelijke verplichting bestaat tot adequate beveiliging om de continuïteit van de dienstverlening en het verzorgen van kwaliteitsvolle, transparante en toegankelijke dienstverlening te kunnen blijven garanderen

        de opslag en verwerking van deze gegevens gebeurt grotendeels binnen een complexe ICT-infrastructuur waar strikte regels rond informatieveiligheid een steeds groter gewicht krijgen

        het ontwerp van "update 2025 - informatieveiligheidsbeleid" waarin een gestructureerde aanpak van de informatieveiligheid wordt voorgesteld, zoals opgesteld door de heer Filip Haesen, DPO voor het Lokaal Bestuur Roosdaal.

        het informatieveiligheidsbeleid is een algemeen kader en omschrijft de ideale situatie omtrent informatieveiligheid in de organisatie die dient nagestreefd te worden maar die niet per definitief volledig van toepassing op het tijdstip van goedkeuring van dit informatieveiligheidsbeleid

 

BESLUIT:

Met éénparigheid van stemmen.
 

 

Enig artikel. - De gemeenteraad hecht haar goedkeuring aan het document "Informatieveiligheidsbeleid Lokaal Bestuur Roosdaal - update 2026".

 

 

Publicatiedatum: 02/04/2026
Overzicht punten

Zitting van 26 februari 2026

 

Haviland - GIDPBW: aanduiden nieuwe vertegenwoordiger in beheerscomité

 

Voorgeschiedenis / Feiten en context

        e-mail ontvangen van Haviland op 27 januari 2025, waarin zij vragen om een nieuwe vertegenwoordiger aan te duiden in het beheerscomité van de gemeenschappelijke interne dienst voor preventie en bescherming op het werk (GIDPBW).

 

Juridische gronden

        artikel 2 van het koninklijk besluit van 10 december 2017 betreffende de oprichting van een gemeenschappelijke interne dienst voor preventie en bescherming op het werk. Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 in het bijzonder op artikel 40 en 41 inzake de bevoegdheid van de gemeenteraad.

 

Argumentatie / motivering

        gezien het belang van welzijn, arbeidsveiligheid en gezondheid van het personeel en het toezicht door de FOD WASO in de lokale besturen, dringen ze erop aan om dit mandaat in het beheerscomité toe te kennen aan de burgemeester, schepen van arbeidsveiligheid en welzijn, schepen van personeel of een mandataris met ervaring in het beheerscomité van de GIDPBW Haviland.

        de vergaderingen van het beheerscomité van de GIDPBW voor het jaar 2026 zijn voorzien op:

        20 april 2026

        16 juni 2026

        24 november 2026

        de gemeenteraad gaat over bij geheime stemming tot verkiezing van een afgevaardigde in het beheerscomité van de GIDPBW Haviland.

        de kandidatuur:

        als effectief afgevaardigde:

- Wim Goossens

        als plaatsvervangend afgevaardigde:

- Jo Timmermans

        gaat over tot de geheime stemming (er worden 21 stembiljetten uitgedeeld)

        de geheime stemming geeft volgende uitslag:

        als effectief afgevaardigde:

- Wim Goossens (21 ja-stemmen)

        als plaatsvervangend afgevaardigde:

- Jo Timmermans (21-ja stemmen)

 

BESLUIT:

Bij geheime stemming.
 

 

Artikel 1. - De heer Wim Goossens, wordt aangesteld als effectief afgevaardigde in het beheerscomité van de GIDPBW Haviland, voor de duur van de huidige legislatuur.

 

Artikel 2. - De heer Jo Timmermans, wordt aangesteld als vervanger voor de afgevaardigde in het beheerscomité van de GIDPBW Haviland, voor de duur van de huidige legislatuur.

 

Artikel 3. - GIDPBW Haviland zal van dit besluit op de hoogte worden gebracht.

 

 

Publicatiedatum: 02/04/2026
Disclaimer

Publicatie LBLOD

De applicatie "Meeting.burger" helpt lokale besturen bij het aanmaken, annoteren en publiceren van agenda's, besluiten en notulen volgens het principe van gelinkte open data.

Wanneer een publicatie wordt uitgevoerd, wordt er een expliciete "bundel" van het document opgeslagen. Op dat moment is het document inhoudelijk niet meer aanpasbaar door de gebruiker. Deze "bundel" bestaat uit:

Al deze gegevens staan op een aparte publicatie omgeving die beveiligd toegankelijk is voor een beperkt aantal personen.